| Slotdiscussie

Als eerste wordt gevraagd of WIBO woningen ook minder dan 80 m2 zijn; want met 60 m2 kan je meer woningen maken. Een en ander wordt ter plekke nagekeken en het blijkt dat de minimale maat in nieuwbouw 70 m2 is en in oudbouw 55 m2. Dit heeft te
maken met de basisplattegrond voor een goed aanpasbare woning.
Een van de aanwezigen vraagt of het echt nog 5 jaar gaat duren voor ze in WIBO
woningen terechtkomen? Aanwezigen geven aan dat politieke druk, collectief mobiliseren, wethouder van de stadsdeelraad onder druk zetten etc. allemaal mogelijkheden zijn om het proces te versnellen.
Dhr. Roelofs haakt hierop in door te pleiten voor het loskoppelen van zaken in
bouwplannen. Vaak hangen allerlei zaken in een project met elkaar samen; als de
koopwoningen dan niet lopen, worden ook de ouderenwoningen of de goedkope huurwoningen
afgeblazen. Hij wil pleiten voor loskoppeling zodat alvast met wel lopende projecten
begonnen kan worden.
Dhr. Verdellen voegt toe dat zij in onderhandeling zijn geweest met de Federatie omdat de tekorten op de sociale huur schrikbarend waren opgelopen. Ze zijn erin geslaagd om de tekorten terug te brengen zodat de woningcorporaties weer bereid waren te gaan bouwen. Vervolgens kwamen zij tot de ontdekking dat als je projecten weer wil starten alles zo verwikkeld is met elkaar dat je weer niet kan beginnen met bouwen. Nu wordt geprobeerd door middel van herontwikkeling dingen uit elkaar te halen en de woningproductie weer op gang te brengen.
Een van de aanwezigen in de zaal meldt dat tijdens een commissievergadering van het Stadsdeel de Baarsjes aangekondigd werd dat van de 2 grote projecten in het stadsdeel het Ortelius project niet doorgaat. Velen
binnen de commissie zijn hier al sinds 1993 mee bezig, bezoeken elke vergadering en zijn nu zeer verontwaardigd dat het niet door gaat.
Dhr. Verdellen is bereid het toe te lichten, hoewel hij moet toegeven dat de
teleurstellende uitkomst daar niet door verandert. De gemeente kent ook slechte tijden en heeft een operatie gestart
'NU OF STRAKS'. Er is geen geld beschikbaar om alles te realiseren waar de Gemeente nu mee bezig is.
Ondanks het feit dat de woningcorporaties de meeste risico's lopen zijn er aan dit soort
projecten ook veel kosten voor de Gemeente verbonden. Daarom wordt een keuze
gemaakt en de rest doorgeschoven naar een later tijdstip, zodat er wel plannen uitgevoerd kunnen worden.
Dhr. Roelofs komt terug op de financiële aspecten en het feit dat investeren in
woningbouw gepaard gaat met grote bedragen onrendabel geld. Hij geeft aan dat de
Woningbouw- corporaties wel geld hebben maar dat dat vaak vast zit in bestaande woningen. Door verkoop (met winst) komt geld vrij om te investeren in nieuwe projecten. Hij speelt de bal naar de Stadsdelen want die geven slechts met mondjesmaat en zeer aarzelend toestemming voor verkoop, waardoor alles opgehouden wordt.
Wethouder Tanja kan dat wel verklaren; ze heeft veel moeite met het verkopen van
sociale huurwoningen want je krijgt 'm als sociale huurwoning niet meer terug. Natuurlijk is er
'scheefwonen' (mensen in sociale huurwoning die wel degelijk een duurdere woning kunnen betalen) en dat mag je best tegengaan. Maar dan moet je een doorstroom realiseren. Het aantal sociale huurwoningen mag wel
afnemen mits de scheefgroei ook evenredig afneemt. Omdat de gemeente van mening is dat mensen die recht hebben op een sociale huurwoning die ook moeten krijgen wordt soms geen toestemming gegeven voor
samenvoegen c.q. verkopen.
Iemand stelt een toeslag op de belastingen voor. Vanuit het panel wordt vermeld dat dit 20 jaar en 10 jaar geleden al aan de orde geweest en toen is het ook niet gelukt.
Een andere aanwezige vraagt zich af hoe het mogelijk is dat tijdens een recente
bijeenkomst de minister aankondigt dat hij 185 miljoen terugstort in de middelen wegens
gebrek aan bouwaanvragen.
Dhr. Roelofs wil ervoor waken dat er niet alleen over geld wordt gesproken want andere zaken zijn ook belangrijk. Het idee dat er momenteel
subsidies zijn om de woningbouw vlot te trekken is niet waar. Het zou mooi zijn en welkom, maar elke subsidie die er nu is, is een druppel op de gloeiende plaat. De partijen, inclusief de woningcorporaties moeten het zelf
financieren.
Verdellen onderstreept deze mening; noch de gemeente noch het rijk hebben geld voor subsidies en de financiering zal uit eigen risico en middelen moeten komen.
Er wordt gevraagd naar de operatie 'NU OF STRAKS': zijn er criteria op basis waarvan keuzes worden
gemaakt? En hoe komen deze tot stand; wordt er iemand om advies gevraagd?
Dhr. Verdellen; centraal is gekeken welke projecten er nu zijn, hoe ver ze zijn en
hoeveel ze hebben gekost. Beslissingen worden pas in het najaar genomen er is nu alleen een inventarisatie gemaakt. Alle partijen wordt om advies gevraagd en die adviezen komen nu binnen.
Wethouder Tanja vindt dat de operatie helpt bij het maken van keuzes en helpt bij het stellen van prioriteiten. Omdat je daardoor effectiever kunt organiseren leidt het hopelijk tot sneller bouwen. Daarom denkt zij dat de nota NU OF STRAKS een bijdrage kan
leveren.
Verdellen voegt nog toe dat de interne titel van de nota is: "Slim schuiven om sneller te kunnen bouwen".
Gevraagd wordt naar de aard van het 'oplossen' van de portiekwoningen. De
spreekster heeft zelf in een liftenproject gezeten en moest constateren dat van de 18 gestarte projecten er slechts 1 is gerealiseerd.
Roelofs licht toe dat je op minder dan 8 woningen niet rendabel een lift kunt aanbouwen. Dat zie je dan terug in de huur en maakt dit te duur. Wel kun je aanpassingen doen om de toegankelijkheid te verbeteren. Maar 4 hoog blijft 4 hoog en dat kan niet veranderd worden. In de service kun je ook dingen
oplossen; bijvoorbeeld de boodschappen naar 3 hoog brengen.
Jos Kraay vraagt zich af of het niet mogelijk is om jonge architecten uit te dagen tot bruikbare, praktische oplossingen voor aanbouw van liften aan dit soort woningen.
Vanuit het publiek komt de opmerking dat het belangrijk is om de
Ouderenadviesraden tijdig te betrekken bij het bouwproces. Wel vraagt hij zich af wie de regie voert, want hij heeft de indruk dat uiteindelijk toch de
projectontwikkelaar de dienst uitmaakt omdat zij over de fondsen beschikken. Hij acht een grotere rol voor de stadsdelen van belang.
|