Dit venster sluiten en teruggaan

  Verslag

Actievergadering WIBO-woningen

13 juni 2003

 

 

 

 

Inleiding voorzitter

Johan de Smet,

voorzitter ANBO Commissie Wonen

 

De voorzitter: krachtig WIBO-beleid nodig !

 

Sinds de bijeenkomst van 1 maart 2002 in het Mozeshuis is er steeds meer aandacht voor wonen voor ouderen en vooral de bouw van WIBO woningen.

Johan de Smet geeft met een statistisch voorbeeld aan dat, naarmate je ouder wordt, je procentueel steeds meer tijd doorbrengt in je eigen huis. 

 

Daarom is wonen voor ouderen zo belangrijk en vindt de commissie dat alle ouderen recht hebben op een huis, dat als een warme jas om je heen zit.

 

Daarbij komt dat de groep ouderen de komende jaren zal toenemen. In Amsterdam zijn nu al 85.000 mensen ouder dan 65 jaar; een groep die de komende jaren alleen maar zal groeien. Daarnaast is er een groep van 50/65-jarigen die nu 110.000 mensen telt, maar over 10 jaar minimaal uit 140.000 ouderen zal bestaan. Cijfers die onderstrepen dat het tijd is om niet meer alleen te praten en na te denken over bouwen, maar dat het tijd is om te gaan bouwen.

Een week geleden is er een Rapport verschenen van de Algemene Rekenkamer over het wonen van ouderen en het gebrek aan controle en aandacht van de overheid. Dit rapport heeft in de pers heel veel aandacht gehad, evenals de organisatie van deze bijeenkomst.

Als start van de protestbijeenkomst nodigt de voorzitter allen uit het WIBO-lied ten gehore te brengen.

 

   

 

 

Peter Roelofs,

van Woningbouwvereniging De Key

 

 

 

De heer Roelofs geeft een korte inleiding over de activiteiten van Woningbouwvereniging de Key. 

De Key heeft in Amsterdam ca. 30.000 woningen van allerlei pluimage. Ze onderscheiden diverse doelgroepen waarbij ze momenteel veel aandacht besteden aan ouderen, studenten en mensen met (kleine) kinderen. Ouderen zijn een van de groepen waar men wat extra's voor wil doen.

 

 

 

Peter Roelofs en Johan de Smet

 

 

Naast nieuwbouw (Rivierenbuurt; een WIBO complex (32 woningen), Oostelijk Eilanden; 40 WIBO's, Diemen; 100 woningen en een verzorgingshuis) is men ook druk met aanpassingen op bestaande woningen. Daarbij is niet alleen aandacht voor renoveren maar ook voor het tot stand brengen van woon/zorgzones voor ouderen.

Een struikelblok in Amsterdam blijft het feit dat ca 90-95% van de woningen portiekwoningen zijn. De toegankelijkheid voor ouderen blijft moeilijk, maar interne aanpassingen kunnen al veel uitmaken, al worden het hiermee geen WIBO-woningen.

 

Dit lijkt allemaal heel mooi maar Roelofs moet toegeven dat hij in de praktijk ook tegen veel problemen aanloopt:

 

 

  1. Woningbouwvereniging de Key maakt interne afwegingen. Bij het bestemmen van woningen voor een doelgroep komen verschillende afwegingen aan bod (financiën, ligging, bestemming, soort woningen, staat van onderhoud etc) waardoor de groep ouderen uit de boot kan vallen.
  2. Samenwerking met de zorgsector. Woningbouwverenigingen hebben woningen, maar om deze geschikt te maken voor ouderen is veel meer nodig. Je hebt een zorgcentrum nodig, dienstverlening, sociale zorg etc.
    Er gaapt echter een kloof tussen de woningbouworganisaties en de zorgsector in denken en doen.
    Als voorbeeld schetst hij het proces binnen een woningbouwvereniging wat leidt tot het bouwen van woningen. In de samenwerking met de zorgsector moet de woningbouwvereniging deze voorinvestering (soms voor tonnen) voor eigen rekening en risico doen, zonder de zekerheid dat ze de woningen kunnen afzetten. Bovendien wil de zorginstelling tot in detail betrokken worden in het ontwikkelingsproces, zonder garanties af te geven. Hij zou graag willen dat het anders gaat.
  3. De algemene eisen voor WIBO-woningen lijken wel duidelijk (boekje), maar de kwaliteitseisen die men stelt aan de voorzieningen, de woningen, de elektronica, het hang en sluitwerk etc. is nog niet duidelijk. Vaak wordt er daardoor tijdens het bouwproces wijzigingen ingebracht die tijd en geld kosten of -erger nog- zit men in de voorbereidende fase op elkaar te wachten. Onduidelijkheid betekent oponthoud, betekent niet bouwen.
  4. Stadsdelen worden ook geconfronteerd met interne processen en afwegingen en stellen daardoor soms 'rare' eisen. Men merkt dat de politiek niet consistent is in wat ze vragen en daar valt voor een organisatie die op lange termijn werkt, niet mee te werken. De stadsdelen moeten zich scherper uitspreken voor een groep inwoners en deze groep inwoners moet zich ook duidelijk profileren bij de stadsdelen zonder te vervallen in politieke spelletjes.
  5. Omgevingskwaliteit.
    WIBO staat ook voor beschermde omgeving en externe omgevingsfactoren als de pinautomaat om de hoek, supermarkt in de buurt en een bushalte op 200 meter afstand. Als je gaat zoeken naar een geschikte omgeving ben je al beperkt en als woningbouwvereniging heb je op deze factoren maar een heel beperkte invloed.
  6. Als voorbeeld van een project dat alle partijen graag willen maar wat maar niet gerealiseerd wordt noemt Roelofs de Thomaskerk in de Rivierenbuurt. Iedereen wil hier graag ouderenwoningen en een zorgcentrum en desondanks heeft iedereen een klein probleem en komt het er niet van.

 

Peter Roelofs hoopt vandaag, in discussie met de andere aanwezigen, te komen tot een opening waardoor sommige van deze problemen opgelost kunnen worden.

 


 

 

Hans van Harten, 

directeur van de Federatie van woningbouwverenigingen in Amsterdam,

in gesprek met Jos Kraay, Amsterdamse Seniorenraad

 

 

  • Mevrouw Kraay vraagt de heer van Harten naar de visie van de Federatie t.a.v. oplossing van de problemen van de ouderenhuisvesting. Bekend is dat het aantal ouderen groeit en dat Amsterdam vol staat met ongeschikte woningen. Als voorbeeld noemt zij ouderen in Amsterdam Noord die, voor ze met de ambulance naar het ziekenhuis gebracht konden worden door de Brandweer uit het raam getakeld werden. Tot overmaat van ramp stuurde de brandweer ook nog een rekening.

 

  Hans van Harten erkent dat er een tekort is, niet alleen voor ouderen overigens maar ook voor andere groepen. In Amsterdam staan 400.000 woningen en het zal een kwestie van lange adem zijn om die aan te passen aan de vraag, met name voor ouderen. 

Waar wel direct ingegrepen kan worden is de nieuwbouw; hier wordt nu al aanpasbaar gebouwd. Dat wil zeggen dat op het moment dat mensen dat nodig hebben de woning met geringe kosten en middelen aangepast kan worden. 

Hans van Harten en Jos Kraay
 

Met de gemeente Amsterdam zijn vorig jaar afspraken gemaakt t.a.v. de basiskwaliteit nieuwbouw. Alle nieuw te bouwen woningen gaan voldoen aan standaardeisen ten aanzien van toegankelijkheid, aanpasbaarheid en bezoekbaarheid.

 

  • Jos Kraay signaleert dat het - typisch voor Amsterdam - weer prachtig op papier staat, maar dat er nog steeds niet gebouwd wordt. De WIBO woningen zijn een belofte van de Gemeente. Waarom moet het zo lang duren? Ze vindt dat de Federatie hierin ook een centrale rol heeft en vraagt Hans van Harten hoe hij denkt die rol te gaan vervullen.

 

Dhr. van Harten erkent dat hij geraakt werd door de zin 'het wordt tijd voor een stukkie beleid' uit het WIBO lied; ook hij vindt dat Amsterdam vol geplamuurd is met regeltjes en beleid en dat het tijd is om het ten uitvoer te brengen.
Boven water staat de Beleidsafspraak met de gemeente Amsterdam dat er in 2010 8000 WIBO woningen moeten zijn gebouwd. Daar staat tegenover dat de woningproductie is ingestort en dat heeft ook zijn invloed op de bouw van WIBO woningen.
Om het aantal te halen moeten er 300 woningen per jaar gebouwd gaan worden; de groei hierin is al gaande en daarom verwacht hij dat het gaat lukken.

 

  • Jos Kraay schetst nogmaals de ernst van de situatie op dit moment. 4877 Reacties op 188 seniorenwoningen op Woningnet in 2002. Per adres waren er op de WIBO woningen 902 reacties en 320 op seniorenwoningen. Helaas kijken ouderen ook niet tijdig uit naar een andere woning maar wachten tot het niet langer kan. Hierdoor blijft de doorstroming steken en wordt de berg steeds hoger. Daarnaast vindt zij het terecht dat de minimale norm voor een seniorenwoning - 0 treden - moet blijven staan; zonder je nek te breken je huis en in uit!

 

Hans van Harten is het hiermee eens maar geeft aan dat de consequentie van de lat hoog leggen is dat het steeds moeilijker wordt. Zeker in de huidige situatie waarbij de financiën een terugkerend probleem blijken en wordt het proces enorm opgehouden.
Daarom ziet hij toch ook winst in de aanpasbaarheid van nieuwbouwwoningen en aanpassingen in het huidige portiekwoningen-bestand, waardoor ouderen langer in hun huis kunnen blijven.

 

  • Jos Kraay vraagt zich af hoe Hans van Harten de rol ziet van mensen van Ouderen Advies Raden die gepokt en gemazeld zijn in alle regels en normen voor bouwen. Zij zou graag zien dat de woningcorporaties meer gebruik zouden maken van hun kennis en creatieve inbreng. Bovendien signaleert zij de trend dat het 'niet zo spannend' is om voor ouderen te bouwen en dat bij nieuwbouwprojecten soms ineens gekozen wordt voor een 'leukere' doelgroep.

 

Hans van Harten legt uit dat de Federatie de belangenbehartiger is van de 12 Amsterdamse corporaties. Zij heeft zelf geen woningen. De Federatie kan de aangesloten leden wel enthousiasmeren en stimuleren. Hij erkent ook dat gaandeweg de ontwikkeling van nieuwbouwprojecten speciale voorzieningen voor ouderen soms het onderspit delven vanwege de complexiteit of omdat deze financieel niet haalbaar blijken. Daarom wil hij streven naar oplossing van concrete problemen; goede bedoelingen zijn er genoeg maar ze moeten wel tot uitvoer worden gebracht.

 

  • Er wordt een vraag gesteld vanuit de zaal. De spreker signaleert het probleem van de oudere migranten. Door hun geringere pensioenrechten is het moeilijk voor hen woonruimte te vinden die betaalbaar is. Is er vanuit de woningcorporaties nagedacht over migranten?

 

De heer van Harten begrijpt zijn probleem en raad de migranten aan zo snel mogelijk hun belangenbehartiging naar de stadsdelen en de woningcorporaties op orde te brengen. En niet in de laatste plaats naar de politiek; juist voor deze groep is het belangrijk de huursubsidie in stand te houden! 

 


 

   

 

 

 

Rob van de Ven, 

visitatiecommissie Wibo complexen

 

 

De heer v.d. Ven legt uit dat de visitatie- commissie WIBO complexen bezoekt en kijkt of de WIBO middelen goed worden besteed (verstrekt door Gemeente Amsterdam). 

Zij geeft tevens adviezen ter verbetering. De subsidies zijn vooral gericht op het servicepunt binnen het WIBO complex. 

De visitatiecommissie bestaat uit een vertegenwoordiger van ouderen; e en vertegenwoordiger van verzorgingshuizen en een vertegenwoordiger van het naaste verzorgingsveld. 

   

Bij dit soort bezoeken gaat men het complex binnen en kijkt hoe het daar loopt, praten met bewoners en medewerkers. Hierover wordt een rapport opgesteld. Tot op heden zijn 4 complexen (15% van de huidige stand van de woningen) bezocht, maar men gaat nog steeds door.

 

Bij WIBO complexen is het van belang dat er een Servicepunt is; ofwel een ontmoetingsruimte en een aantal belangrijke diensten. Het Servicepunt dient binnen 200-300 meter bereikbaar zijn. Voor andere diensten (verpleging, thuishulp) is deze afstand minder van belang; deze kunnen naar mensen toe komen.

 

Uit de bezoeken van deze complexen blijkt een verschil in organisatie. Geconcludeerd kan worden (tot op heden) dat de subsidies goed worden besteed. 20-40% van de exploitatie van het servicepunt wordt met de subsidie gedekt. Daarnaast zijn extra gelden nodig. Deze komen vanuit verschillende bronnen; veelal van het stadsdeel, maar ook Corporaties of Zorgorganisaties helpen in diensten of geld. Sommige organisaties berekenen servicekosten en gebruiken dit voor het servicepunt of een huismeester.

 

Soms is het zo dat de corporatie het WIBO complex in zijn geheel verhuurt aan een zorgorganisatie, die vervolgens doorverhuurt aan de ouderen. Maar het kan ook voorkomen dat de corporatie rechtstreeks aan de ouderen verhuurt en de exploitatie van het servicepunt overlaat aan de zorginstelling.

 

Na bezoek van de woningen kan geconcludeerd worden dat de meeste voldoen aan de criteria die de WIBO gesteld heeft. Het aanbod van het servicepunt op de diverse WIBO complexen verschilt enorm. Het pakket aan activiteiten en diensten (huisarts, boodschappenservice, eigen busdienst) varieert sterk per locatie. 

De commissie heeft gesignaleerd dat de zorgorganisaties als partij graag hun eigen pakket binnen de servicepunten willen aanbieden. De Stichting Welzijn voor Ouderen is in bijna alle stadsdelen uitstekend georganiseerd en biedt vele mogelijkheden maar wordt bij de invulling van de servicepunten bijna niet betrokken. Hij raadt de corporaties aan de partijen te combineren.

 

Ook heeft de commissie geconstateerd dat het een complexe hoeveelheid partijen is die bij de realisatie van de WIBO complexen betrokken zijn. Hij noemt de corporaties (bouwers), de zorgorganisaties, de deelraden met een stimulerende rol en de centrale stad die veelal de middelen beschikbaar stellen en het beleid uitstippelen. Maar in de uitvoerende sfeer blijft het toch zo dat de woningcorporaties het grote werk moeten doen en de overheid kan alleen ondersteunen.

 

Wel kreeg de commissie de vraag wat men nog verder kon doen. Nu controleert men alleen achteraf, maar de commissie kreeg de vraag om al in de planningsfase mee te denken en adviezen te geven. De commissie zal daardoor al in een vroeg stadium aan de criteria kunnen toetsen en bovendien advies kunnen geven over het samenbrengen van de juiste partijen.

 


 

  Interview Antoinette Tanja, 

wethouder Welzijn Watergraafsmeer/Oost

en coördinerend weth. ouderenbeleid,

door Jos Kraay

 

 

 

 

 

  • Jos Kraay constateert dat er een gat is gevallen tussen welzijn, zorg en wonen en vraagt de wethouder wat er moet gebeuren, vanuit de overheid, om dit gat te vullen.

 

Mw.Tanja legt uit dat het stadsdeel tot 2010 in kaart heeft gebracht waar WIBO woningen gebouwd kunnen worden (WIBO kansenplan). Evenals welke zorg en welzijnsvoorzieningen nodig zijn om die geplande WIBO woningen tot een goede WIBO-woning te maken.

Daarmee is vastgelegd wanneer, wat wordt gebouwd. Ze verwacht in september een convenant met de woningcorporaties te ondertekenen om te gaan bouwen. Daarnaast worden afspraken gemaakt met zorgaanbieders over de invulling van de complexen.

 

  • Jos Kraay vraagt zich af wie, na tekening van het convenant controleert of die afspraken worden nagekomen. 

 

Mw. Tanja geeft aan dat het stadsdeel volgt en controleert. Ze hebben daarbij natuurlijk ook een direct belang; er zijn veel ouderen in het stadsdeel en die hebben een goede woning nodig. Bovendien is in het stadsdeel een groot tekort aan grote woningen. Doorstroom van ouderen naar de WIBO-woningen betekent dat de grotere woningen voor gezinnen beschikbaar komen.

 

Zij signaleert daarbij wel dat een aantrekkelijk alternatief belangrijk is; de meeste ouderen willen in hun straat of wijk blijven en dat is moeilijk te realiseren, mede door het toewijzingsbeleid van de WIBO woningen. Dat zou ze dan ook als verbeterpunt willen zien. Een ander knelpunt is haar inziens het feit dat het moeilijk is om als groep een WIBO complex te betrekken. Het huidige toewijzingsbeleid laat dit niet toe. Aangezien de Centrale stad deze regelgeving maakt zou zij daar willen pleiten voor toewijzing aan groepen.

 

  • Jos Kraay merkt op dat voor ouderen de woonomgeving meer is dan de bushalte, bank en supermarkt om de hoek. Het moet ook goed voelen voor de ouderen waarbij elementen komen kijken als groenvoorziening, winkels, vertier, dicht in omgeving kunnen wandelen, hulp beschikbaar, veiligheid. 

 

De wethouder is het hier helemaal mee eens en legt uit dat ze erg hun best doen om het stadsdeel geschikt te maken. Groot bezwaar is naar haar mening het vele autoverkeer en om dat te beperken kost veel moeite. 

 

  • Jos verwijst in dit kader naar het wijkveiligheidsplan waarbij ouderen letten op hun omgeving.

 

De wethouder bevestigt dit en zegt dat er veel gedaan wordt om de veiligheid te verbeteren, zoals de aanwezigheid van buurtconciërges.

 

  • Jos Kraay prijst de wethouder over het plan dat geschreven is. Ook mensen in het publiek zijn van mening dat op dit gebied Stadsdeel Oost/Watergraafsmeer voorop loopt. 

 

Wethouder Tanja waarschuwt voor het feit dat het nog wel allemaal gerealiseerd moet gaan worden! Maar ze erkent dat de politieke wil en de prioriteit er is, het stadsdeel heeft bovendien een zeer actieve Ouderenadviesraad die ze goed achter de broek zit. Maar er waren ook ambtelijke problemen; wie gaat de trekkersrol vervullen en wie de coördinatie op het politieke vlak.
Als voorbeeld van een probleemtraject schetst ze de aanpak van de wijk Jeruzalem. Renovatie van de woningen is te duur, eigenlijk moet je slopen en nieuwbouw plegen. Maar de zittende bewoners zitten niet op 2 x verhuizen te wachten. Kortom een wankel draagvlak in de buurt en een moeilijk proces. Individuele gesprekken met bewoners en woningbouwcorporaties is de enige mogelijkheid om te komen tot een oplossing.

 

  • Jos Kraay vraagt zich af of er contact is tussen de deelraden; ten slotte kampen ze allemaal met dezelfde problemen. 

 

Wethouder Tanja zit zelf in de Regiovisie-commissie (centrale stad) en heeft daarin het onderdeel WIBO voor haar rekening genomen. Maar deze commissie heeft geen coördinerende rol naar de stadsdelen; ieder stadsdeel zal zijn eigen plan moeten maken.
Zij is van mening dat WIBO woningen een middel zijn om scheefgroei tegen te gaan en doorstroom bevorderen. Wel denkt ze dat het te overwegen is minder streng om te gaan met WIBO regels. Daardoor kun je bestaande woningen met kleine aanpassingen toch een WIBO predikaat meegeven. 

 

  • Jos Kraay suggereert dat de Ouderenadviesraden hiermee aan de slag gaan.

 

Naar aanleiding van een vraag uit de zaal legt mevrouw Tanja uit dat de coördinerende rol ligt bij de Dienst Maatschappelijke ontwikkeling en dat Wethouder Belliot de regie heeft. Stadig gaat over de (bouw) plannen.
Het is haar niet bekend of er in andere stadsdelen al vergevorderde plannen liggen, maar ze weet wel dat verschillende stadsdelen er druk mee bezig zijn.

 


 

  Arthur Verdellen, 

regisseur woningbouw

 

 

 

Hij is aangesteld om te zorgen dat er weer woningen gebouwd gaan worden. De woningproductie is ingezakt en daarmee de bouw van vele soorten woningen, waaronder WIBO woningen. Hij is momenteel al blij als er überhaupt gebouwd wordt. 

Concreet is hij bezig met het lostrekken van projecten die al jarenlang blijven liggen. Zoeken naar redenen waarom het proces blijft steken. Vaak blijkt er niks aan de hand te zijn; soms betreft het mensen die niet met elkaar kunnen opschieten of er is geen geld.
Om dit te realiseren werkt hij met een productieteam.

 

 

 

  Daarnaast organiseert hij bijeenkomsten om onder andere te kijken of de regels en procedures minder en simpeler kunnen. We sterven van de regels die elkaar tegenspreken en opgestapeld liggen en de voortgang van vele (bouw) processen verhinderen. Een voorbeeld is natuurlijk ook de bouw van WIBO woningen; dit is omgeven door regels waardoor alles complexer en duurder wordt.

 

Rol gemeente in het bouwproces is stimuleren want de gemeente bouwt zelf geen woningen meer. Hij probeert in kaart te brengen wie, welke rol speelt op welk moment. Op dit moment is er ook veel vertraging door rolverwarring. 

Een derde proces waar hij mee bezig is, is

cultuur; mensen weer bij elkaar brengen. De stad Amsterdam is verbrokkeld; er zijn 14 stadsdelen en dat is natuurlijk prima, maar men kent elkaar niet meer. Het gaat in dit traject niet alleen om geld, maar ook om vertrouwen en samen willen bouwen. Daarom is het belangrijk dat netwerken weer worden opgebouwd.

 

Wat hem op valt tijdens deze bijeenkomst is de heftige scheidslijn tussen de sociale peiler en de fysieke peiler. Je hebt portefeuilles in de sociale en in de stedelijke hoek, daarnaast is de bouw omgeven door toetsings-organisaties op allerlei gebied. Versimpeling is ook hier zijn motto, om processen weer op gang te brengen en partijen bij elkaar te brengen.

 

 


 

  Slotdiscussie

 

Als eerste wordt gevraagd of WIBO woningen ook minder dan 80 m2 zijn; want met 60 m2 kan je meer woningen maken. Een en ander wordt ter plekke nagekeken en het blijkt dat de minimale maat in nieuwbouw 70 m2 is en in oudbouw 55 m2. Dit heeft te maken met de basisplattegrond voor een goed aanpasbare woning.

 

Een van de aanwezigen vraagt of het echt nog 5 jaar gaat duren voor ze in WIBO woningen terechtkomen? Aanwezigen geven aan dat politieke druk, collectief mobiliseren, wethouder van de stadsdeelraad onder druk zetten etc. allemaal mogelijkheden zijn om het proces te versnellen.

Dhr. Roelofs haakt hierop in door te pleiten voor het loskoppelen van zaken in bouwplannen. Vaak hangen allerlei zaken in een project met elkaar samen; als de koopwoningen dan niet lopen, worden ook de ouderenwoningen of de goedkope huurwoningen afgeblazen. Hij wil pleiten voor loskoppeling zodat alvast met wel lopende projecten begonnen kan worden.

 

Dhr. Verdellen voegt toe dat zij in onderhandeling zijn geweest met de Federatie omdat de tekorten op de sociale huur schrikbarend waren opgelopen. Ze zijn erin geslaagd om de tekorten terug te brengen zodat de woningcorporaties weer bereid waren te gaan bouwen. Vervolgens kwamen zij tot de ontdekking dat als je projecten weer wil starten alles zo verwikkeld is met elkaar dat je weer niet kan beginnen met bouwen. Nu wordt geprobeerd door middel van herontwikkeling dingen uit elkaar te halen en de woningproductie weer op gang te brengen.

 

Een van de aanwezigen in de zaal meldt dat tijdens een commissievergadering van het Stadsdeel de Baarsjes aangekondigd werd dat van de 2 grote projecten in het stadsdeel het Ortelius project niet doorgaat. Velen binnen de commissie zijn hier al sinds 1993 mee bezig, bezoeken elke vergadering en zijn nu zeer verontwaardigd dat het niet door gaat. 

Dhr. Verdellen is bereid het toe te lichten, hoewel hij moet toegeven dat de teleurstellende uitkomst daar niet door verandert. De gemeente kent ook slechte tijden en heeft een operatie gestart 'NU OF STRAKS'. Er is geen geld beschikbaar om alles te realiseren waar de Gemeente nu mee bezig is. Ondanks het feit dat de woningcorporaties de meeste risico's lopen zijn er aan dit soort projecten ook veel kosten voor de Gemeente verbonden. Daarom wordt een keuze gemaakt en de rest doorgeschoven naar een later tijdstip, zodat er wel plannen uitgevoerd kunnen worden.

 

Dhr. Roelofs komt terug op de financiële aspecten en het feit dat investeren in woningbouw gepaard gaat met grote bedragen onrendabel geld. Hij geeft aan dat de Woningbouw- corporaties wel geld hebben maar dat dat vaak vast zit in bestaande woningen. Door verkoop (met winst) komt geld vrij om te investeren in nieuwe projecten. Hij speelt de bal naar de Stadsdelen want die geven slechts met mondjesmaat en zeer aarzelend toestemming voor verkoop, waardoor alles opgehouden wordt.

 

Wethouder Tanja kan dat wel verklaren; ze heeft veel moeite met het verkopen van sociale huurwoningen want je krijgt 'm als sociale huurwoning niet meer terug. Natuurlijk is er 'scheefwonen' (mensen in sociale huurwoning die wel degelijk een duurdere woning kunnen betalen) en dat mag je best tegengaan. Maar dan moet je een doorstroom realiseren. Het aantal sociale huurwoningen mag wel afnemen mits de scheefgroei ook evenredig afneemt. Omdat de gemeente van mening is dat mensen die recht hebben op een sociale huurwoning die ook moeten krijgen wordt soms geen toestemming gegeven voor samenvoegen c.q. verkopen.

 

Iemand stelt een toeslag op de belastingen voor. Vanuit het panel wordt vermeld dat dit 20 jaar en 10 jaar geleden al aan de orde geweest en toen is het ook niet gelukt. 
Een andere aanwezige vraagt zich af hoe het mogelijk is dat tijdens een recente bijeenkomst de minister aankondigt dat hij 185 miljoen terugstort in de middelen wegens gebrek aan bouwaanvragen. 

Dhr. Roelofs wil ervoor waken dat er niet alleen over geld wordt gesproken want andere zaken zijn ook belangrijk. Het idee dat er momenteel subsidies zijn om de woningbouw vlot te trekken is niet waar. Het zou mooi zijn en welkom, maar elke subsidie die er nu is, is een druppel op de gloeiende plaat. De partijen, inclusief de woningcorporaties moeten het zelf financieren.

Verdellen onderstreept deze mening; noch de gemeente noch het rijk hebben geld voor subsidies en de financiering zal uit eigen risico en middelen moeten komen.

 

Er wordt gevraagd naar de operatie 'NU OF STRAKS': zijn er criteria op basis waarvan keuzes worden gemaakt? En hoe komen deze tot stand; wordt er iemand om advies gevraagd?

Dhr. Verdellen; centraal is gekeken welke projecten er nu zijn, hoe ver ze zijn en hoeveel ze hebben gekost. Beslissingen worden pas in het najaar genomen er is nu alleen een inventarisatie gemaakt. Alle partijen wordt om advies gevraagd en die adviezen komen nu binnen.

Wethouder Tanja vindt dat de operatie helpt bij het maken van keuzes en helpt bij het stellen van prioriteiten. Omdat je daardoor effectiever kunt organiseren leidt het hopelijk tot sneller bouwen. Daarom denkt zij dat de nota NU OF STRAKS een bijdrage kan leveren.

Verdellen voegt nog toe dat de interne titel van de nota is: "Slim schuiven om sneller te kunnen bouwen".

 

Gevraagd wordt naar de aard van het 'oplossen' van de portiekwoningen. De spreekster heeft zelf in een liftenproject gezeten en moest constateren dat van de 18 gestarte projecten er slechts 1 is gerealiseerd.

Roelofs licht toe dat je op minder dan 8 woningen niet rendabel een lift kunt aanbouwen. Dat zie je dan terug in de huur en maakt dit te duur. Wel kun je aanpassingen doen om de toegankelijkheid te verbeteren. Maar 4 hoog blijft 4 hoog en dat kan niet veranderd worden. In de service kun je ook dingen oplossen; bijvoorbeeld de boodschappen naar 3 hoog brengen.

 

Jos Kraay vraagt zich af of het niet mogelijk is om jonge architecten uit te dagen tot bruikbare, praktische oplossingen voor aanbouw van liften aan dit soort woningen.

 

Vanuit het publiek komt de opmerking dat het belangrijk is om de Ouderenadviesraden tijdig te betrekken bij het bouwproces. Wel vraagt hij zich af wie de regie voert, want hij heeft de indruk dat uiteindelijk toch de projectontwikkelaar de dienst uitmaakt omdat zij over de fondsen beschikken. Hij acht een grotere rol voor de stadsdelen van belang.

 


 

  Om 16.00

sluit de voorzitter de bijeenkomst

 

 

Johan de Smet sluit de bijeenkomst met de constatering dat de WIBO woningen wederom duidelijk onder de aandacht van de verschillende partijen is gebracht. 

 

Iedereen heeft een motie gekregen bij binnenkomst en hij vraagt de aanwezigen of men het ermee eens is om deze motie aan te nemen en te sturen naar de Gemeenteraad Amsterdam en naar de betrokken ministeries. Hij leest de motietekst voor, waarna de motie wordt aangenomen.

 

Hij dankt alle aanwezigen voor hun komst en de sprekers voor hun inbreng en sluit af met de belofte dat de ouderenadviesraden, de  ouderenbonden en de seniorenraad het thema onder de aandacht zullen blijven brengen.

 

 


 

 

 

 

 

 

 

 

Tot deze actievergadering werd opgeroepen door:

  • ANBO-Amsterdam

  • COSBO-Amsterdam

  • Seniorenraad

  • Voorzittersoverleg Ouderenadviesraden

Motietekst: 
VRIJDAGMIDDAG 13 JUNI 2003 AKTIEMIDDAG WIBO'S


Wij ouderen van Amsterdam, 

bijeen op vrijdag 13 juni 2003, 

constateren dat al meer dan 10 jaar de bouw van seniorenwoningen achterblijft bij de vraag en bij de door diverse wethouders toegezegde inhaalslag.

 

Wij tekenen protest aan tegen het feit dat toezeggingen niet worden gehonoreerd. In de Regiovisie-afspraak staat dat in de periode 2001-2005 het aantal woningen in beschermde omgeving (WIBO's) zal stijgen van ongeveer 5000 naar in totaal 8000 woningen.

Op dit moment zijn er zo'n kleine 5600 WIBO-woningen. Met dit tempo halen we de 8000 bij lange na niet.

 

Wij stellen wethouder Stadig en zijn collega's in de stadsdelen verantwoordelijk. Wij eisen dat bij voorrang het beloofde aantal WIBO's gerealiseerd wordt. 

Het boekje "WIBO's, méér dan wonen" kan en moet de weg wijzen naar snel en gezamenlijk handelen. 

Daar hebben ouderen recht op en dat bent u als wethouder of bestuurder van een woningbouwcorporatie of zorg/welzijn instelling verplicht.

 

Ons geduld is op: 

 

Kom op met die WIBO's,      

want belofte maakt schuld.

 

 

 

 

 

Wilt u deze pagina printen (10 blz.)? Klik dan hier .

Klik om dit venster weer te sluiten